Algemeen directeur Beeld en Geluid kondigt vertrek aan

Jan Müller (1967) vertrekt per 1 oktober 2017 als algemeen directeur van het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid. Hij bekleedt de functie sinds april 2009. In deze periode gaf hij onder meer leiding aan de voltooiing van de grootscheepse digitalisering van de collectie en de fusie met het Persmuseum. Müller wordt algemeen directeur van het National Film and Sound Archive in Canberra, het nationaal audiovisueel archief van Australië.

De Raad van Toezicht betreurt het vertrek van Müller maar is hem zeer erkentelijk voor zijn bijdrage aan de ontwikkeling van Beeld en Geluid. Guusje ter Horst, voorzitter: “Jan Müller heeft een cruciale rol gespeeld om Beeld en Geluid te vormen tot wat het nu is: een instituut van wereldklasse in het centrum van de mediacultuur. Grote waardering en dank gaan dan ook naar hem uit.”

Het is nu aan de Raad van Toezicht om te voorzien in de opvolging.

Onder Müllers leiding maakte Beeld en Geluid de transitie door van analoog naar digitaal archief. Het instituut beheert inmiddels een van de grootste digitale audiovisuele collecties van de wereld. Ook zette hij onlangs de volledige herinrichting van het museum van Beeld en Geluid in gang, één van de top publieksattracties in Nederland. Müller was tussen 2012 en 2016 voorzitter van de Internationale Federatie van Televisie Archieven (FIAT/IFTA) en is momenteel voorzitter van het netwerk Mediawijzer.net, het Netwerk Digitaal Erfgoed (NDE) en van Europeana — een online verzameling van gedigitaliseerd erfgoed van Europese musea, archieven en collecties.

Jan Müller: “Beeld en Geluid is een prachtige organisatie met grote maatschappelijke relevantie. In een tijd waarin media alomtegenwoordig zijn, bestaat meer dan ooit behoefte aan curatie en duiding. De eisen van onze bezoekers en gebruikers zijn daarbij voortdurend aan verandering onderhevig. Dit brengt nieuwe verantwoordelijkheden met zich mee voor een instituut als Beeld en Geluid. Het was een voorrecht om hieraan de afgelopen jaren sturing te geven.”

Noot voor de redactie

Voor een toelichting op dit persbericht kunt u contact opnemen met:

Jennemiek Leijssen, corporate communicatiemanager

T: 06-51577014

E: jleijssen@beeldengeluid.nl

Download PDF
Download PDF
Over Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid

Het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid is het media-archief van Nederland en de grootste van zijn soort in Europa. Het Instituut speelt een toonaangevende rol op het gebied van beheer en toegankelijk maken van het Nederlandse media-erfgoed. Het gebouw op het Media Park in Hilversum herbergt een dagelijks groeiende collectie van radio, televisie, film, foto’s, muziek, documentaires, nieuwe media, games en internetcultuur. Deze collecties geven een uniek beeld van de geschiedenis van Nederland van de afgelopen honderd jaar en van de ontwikkeling van de audiovisuele media in het bijzonder. Beeld en Geluid is toegewijd om de unieke collectie en de kennis daarover breed toegankelijk te maken voor uiteenlopende doelgroepen, waaronder mediaprofessionals, de creatieve sector, het onderwijs en het algemeen publiek. Door middel van onderzoek en innovatie heeft het instituut zich ontwikkeld tot een brede culturele instelling die met de opgebouwde kennis en infrastructuur een centrale functie inneemt binnen de archief- en mediasector in binnen- en buitenland. Beeld en Geluid ontvangt een structurele Rijksbijdrage op grond van de Mediawet.


The Netherlands Institute for Sound and Vision is an important player when it comes to management and accessibility of Dutch audiovisual heritage. The special building on the Media Park in Hilversum stores a daily growing collection of over 1.000.000 hours of radio, television, film, pictures and music. Sound and Vision is committed to make this unique collection and the knowledge about it widely accessible for diverse audiences, including media professionals, the creative sector, education and the general audience. Through research and innovation, the institute has developed into a broad cultural institution that, with its accumulated knowledge and infrastructure, occupies a central position within the archive and media branch.